Dag Charlotte, welke plek hebben prentenboeken in jouw oeuvre?
Ik maak het liefste Illustraties voor kinderen en met name prentenboeken. Ik vind het heerlijk om voor langere periode in een verhaal te kruipen en de karakters de beste tijd van hun leven te geven. Tussendoor illustreer ik editorials, kaarten en soms wordt er een product gemaakt met één van mijn illustraties. Ook lees ik zo nu en dan voor aan een groep en of geef ik een workshop. Dat maakt het afwisselend en extra leuk vind ik.

Wat was jouw debuut?
Voor mij waren dat er eigenlijk twee. Het prentenboek “Ivy the very determined dog” was mijn allereerste opdracht voor een Amerikaanse selfpublishing klant en kwam in eind 2018 uit. Maar aan “De ridder zonder billen” werkte ik al eerder. Het verhaal was geschreven door de talentvolle Levina van Teunenbroek, toentertijd nog peuterjuf van mijn dochter Vera. Het inspireerde me zoveel dat ik Levina vroeg of ik er tekeningen bij mocht maken.
Ik was toen nog geen illustrator en zag het als dé kans. Er volgde een warme vriendschap, en veel gezellige brainstorm avonden. We hebben zoveel liefde voor onze billoze familie en zo werkten we tussendoor aan ons zelf geknutselde boek. Op een dag werd het ‘even’ meegenomen door een andere moeder die bij een uitgever werkte en zo lag het in 2020 in de winkel.
Ik heb er enorm veel aan gehad om het vertrouwen te krijgen van Levina en het boek in eigen tempo te kunnen illustreren. In die periode heb ik zonder deadline mijn stijl kunnen ontwikkelen, leren begrijpen hoe je door middel van kleur, ritme en compositie een prentenboek op iedere pagina verrassend kan maken. Inmiddels heeft De ridder zonder billen Goud, maakten we samen 6 prentenboeken, 2 Doe boeken, zijn er meerdere vertalingen, is er een theatervoorstelling en komt er een musical in 2026. We zijn intens dankbaar en gelukkig hebben nog veel nieuwe ideeën. Daarnaast hebben we enorm geluk met onze uitgever Van Holkema en Warendorf. Samenwerken met het billoze team voelt echt als een warm bad.

Hoeveel prentenboeken heb je ongeveer geïllustreerd?
Ik heb meer dan dertig kinder- en prentenboeken geïllustreerd. Meestal waren het verhalen met beeldvullende illustraties, maar ik maakte ook beeld voor boeken van 80+ pagina’s, waarvoor ik afwisselde formaten illustraties maakte. Ik werk voor uitgeverijen in binnen- en buitenland. Wat opvalt in de kinderboeken wereld is dat iedereen aardig is en gepassioneerd over prentenboeken. Ze begrijpen de verwondering en leesplezier dat een prentenboek kan en moet brengen.
Hoe vind je het om aan prentenboeken te werken?
Ik krijg er echt enorm veel energie van. Waar de één geweldig kan zingen, goed is in rekenen of organiseren, is het illustreren van prentenboeken mijn eerste taal. Het voor mij de ultieme vrijplek waar ik mag spelen, me in een andere wereld kan wanen. In de huid te kruipen van personages is voor mij het leukste wat er is.
Hoe ga je te werk bij illustreren van een prentenboek?
Ik ontvang vaak eerst een email met samenvatting van de opdracht. Wanneer er in mijn hoofd en hart een soort vuurwerk aan mogelijkheden ontploft door het verhaal te lezen volgt er daarna een gesprek over het contract, de briefing, het budget en de deadline.
Wanneer dat allemaal goed voelt ga ik aan de slag. Ik verzamel van alles wat er te vinden valt over het onderwerp en kijk ernaar met frisse blik en leer echt te kijken wat interessant aan is.
Ik start altijd met in potlood tekenen van de hoofdkarakters. Voor mij is het belangrijk precies te weten wie ze zijn en wat ze bezighoudt (ook buiten het hoofdverhaal om). Ik besteed dus relatief veel tijd aan het inleven, ontwikkelen van passende eigenschappen die het karakter uniek maken. Daar zit voor mij gelukkig veel lol en ik denk dat die gelaagdheid het voor de lezer boeiend en geloofwaardig maakt.

Over het algemeen werk ik drie maanden aan een boek met 32 pagina’s waarvan de helft van de tijd in schetsen gaat zitten. Ik teken op een Wacom Cintiq met touchscreen in Photoshop en doe de opmaak met Indesign op een tweede scherm. En zou echt niet zonder kunnen.
Hoewel sommige opdrachtgevers me heel vrij laten, hebben anderen de hele opdracht per pagina duidelijk verwoord en verbeeld in een briefing. In beide gevallen verdeel ik het proces op in fases. Zo blijft het behapbaar, kunnen we op tijd bijsturen en blijven de neuzen dezelfde kant op staan.
Grofweg zijn er een aantal fases* die ik naar de klant stuur:
1- Karakter schets – altijd eerst met potlood op papier en digitaal netjes uitgewerkt
2- Karakter schets – kleur digitaal
3*- Grove schetsen van alle pagina’s waarin de karakters duidelijke emoties laten zien en het hoofdverhaal met omgeving duidelijk is.
4 – Uitwerken in nette schetsen op de Wacom Cintic
5 – Alle pagina’s inkleuren
6 – Aanleveren van schone bestanden voor de drukker
* Bij iedere fase zou ik feedback kunnen ontvangen. Soms worden fase 3 en 4 een beetje samengevoegd.
NB. Voor de catalogus moet je vaak al maanden van tevoren de cover maken. Spannend, maar dit zorgt er wel voor dat je de kern van het verhaal begrijpt en weet te verbeelden.

Is er veel veranderd in jouw werkproces tussen je debuut en nu?
Ik heb nog net zoveel plezier. Ik ben wel iets sneller ben geworden in het bedenken van composities van omgevingen. Dat vond ik in het begin ontzettend moeilijk. Ik ben ook nog steeds geen ster in het tekenen van koeien haha.
Wat zijn echte leermomenten geweest?
Ik werk aan 1 boek per periode. Wanneer ik even geen oplossing weet voor een illustratie of kleurstelling, werk ik aan een ander deel van het boek. Ik zie het hele boek als een puzzel die van schutblad tot schutblad moet kloppen. Het werken met een vast kleurpalet maakt het proces sneller en logisch. En, iedere tekening moet me laten lachen of op de een of andere manier een “hartenhuppel” hebben gegeven. Dan pas weet ik zeker dat het goed is.
Hoe was het om het prentenboek voor de Kinderboekenweek te maken?
Het was zo’n enorme verrassing en wat een eer. “De ridder zonder billen” bestond in 2025 vijf jaar jaar en aangezien ik als illustrator best kort om de hoek kom kijken, stond deze mogelijkheid helemaal niet op mijn lijstje. Maar wat was het een enorm feest om “De koning zonder paard” met Levina van Teunenbroek samen te mogen maken.
Nadat CPNB ons overviel met de vraag of wij het prentenboek wilden maken met een nieuwe titel in De ridder zonder billen serie, lagen we beiden diezelfde nacht beiden glimmend wakker van de adrenaline. En zo bedachten we beiden delen van het nieuwe verhaal wat perfect in elkaar paste. Dat het verhaal zich voor een groot gedeelte ‘In’ de draak afspeelt gaf het voor mij een ongekende avontuurlijke vrijheid om situaties te kunnen illustreren. Want ja, wie heeft ooit de binnenkant van een draak gezien? “De koning zonder paard” is een van onze lievelingsboeken in de serie. En nog fijner was dit zo dicht met onze lezers te kunnen delen. We mochten twaalf dagen het hele land door en traden op in bibliotheken, winkels, scholen en theaters. Wat een droom en leesfeest!

Heb je zelf een aantal favoriete prentenboeken?
in mijn jeugd had ik een paar boeken die bij mij de magie voor boeken hebben aangewakkerd. Een daarvan was “Duizend dingen achter deuren” van Joke van Leeuwen of “Rom de rups, het toverboek”. Ze waren grappig of interactief en zorgden ervoor dat mijn fantasie de vrije loop kreeg.
Er zijn veel illustratoren en prentenboeken die ik respecteer. Een paar voorbeelden zijn bijvoorbeeld die van Amandine Piu, om het grafische karakter en humor. Maar ook kijk ik graag naar boeken van Marc Boutavant of Felicita Sala vanwege het kleurgebruik en de techniek.
Werk je inmiddels aan een nieuw prentenboek?
Deze maand verschijnt een nieuw prentenboek: “Het hondje met de speurneus”. Een geestig en origineel prentenboek op rijm door Levina van Teunenbroek.
Daarnaast ben ik nu bezig met twee “flapjes boeken”. Dat heb ik nog nooit gedaan en daarom vind ik het extra leuk. Er werkt ook een papier ontwerper aan mee, een editor, een grafisch ontwerper en een art director. Ik mag nog niet vertellen waar het precies over gaat omdat het pas in 2027 in de winkel zal liggen. Maar het is echt een superleuke droomklus.
Ook werk ik aan het tweede deel van De Kabaalbende, waarvoor ik zwart wit illustraties met steunkleur maak.
Ik werk momenteel aan een nieuwe versie van “De koning zonder paard”. Het wordt een versie mét uitklapper die in het voorjaar 2027 uitkomt. En er zijn plannen besproken tot eind 2027 waar ik nog niets over kan zeggen… Maar voorlopig zie je mij als gelukkig wezen boven mijn tekentafel werken.

Heb je tot slot nog (meer) tips voor beginnende illustratoren?
Toen ik net begon met illustreren wist ik niet dat er een heleboel markten bestaan in deze branche. Je kunt portretten maken voor particulieren, maar ook illustreren voor reclamebureaus, uitgeverijen en magazines. Er zijn illustraties nodig voor patronen voor stof, behang, pakpapier ed. als ook voor wanddecoratie. Of denk aan illustraties voor op speelgoed, games en er is dus de kinderboeken markt.
Er is voor van alles beeld nodig in verschillende stijlen. Een agentschap kan je helpen aan een opdracht te komen. Maar je kunt ook zelf als speurneus op zoek gaan naar de artdirector van het bedrijf en je portfolio sturen. Besef, overal ter wereld kun je klanten vinden! Denk verder dan ons koude kikkerlandje. De meeste bedrijven die illustratie inkopen zijn gewend om internationaal met illustratoren te werken.
Volg een goeie cursus. Toen ik in 2016 de online cursus Illustrating Children’s books bij Lilla Rogers Studio deed viel alles op zijn plek. Ik heb daar echt superveel geleerd in 5 weken. Deze live cursus volg je in een afgesloten facebook groep en toen ik er aan meedeed deden er +-200 illustratoren van over de hele wereld mee. Er is veel respect voor elkaars werk en de cursus is speels van opzet. Hierdoor zie je eigenlijk snel wat werkt of wat de illustratie zou verbeteren. Je leert echt te kijken en hoe je keuzes maakt. Wanneer je deze cursus gaat volgen, raad ik aan om al het andere in je leven even op pauze te zetten en er vol voor te gaan. Je kunt het werk ook voor je portfolio gebruiken. Ik zou, als het niet te druk had, echt zo weer mee doen.
Zorg dat je werk zichtbaar is op social media of je website. Anders weten mensen niet dat je bestaat. Laat alleen het werk zien wat je zou willen maken. Waar je gepassioneerd door bent. Want mogelijke klanten kloppen daarvoor bij je aan! Je kunt ook beter tien werken laten zien die heel goed zijn dan vijfentwintig halfbakken illustraties. Heb je die droomklus nog niet in je portfolio? Bedenk zelf een droomopdracht.
Wacht niet met uitsturen van je portfolio. Mail een PDF die niet zwaarder is dan 4 MB met een losse jpg van je beste werk. Misschien ben je nog onzeker, maar onthoudt, er zijn voor allerlei klussen beeldmakers nodig. Wat heb je te verliezen? En, stuur gerust nieuw werk op na een poosje.
Stuur een kaart met je werk op per post naar je top 10. Dat gooit niemand zomaar weg.
En wat voor mij de beste tip ooit was en is: People buy your joy!
Wil je meer weten over Charlotte Bruijn en haar werk als illustrator van onder andere prentenboeken? Bezoek dan haar eigen website!























