Tagarchief: Recensie

We hebben er een geitje bij!

Auteur: Marjet Huiberts
Illustrator: Iris Deppe
Vormgeving: Bockting Ontwerpers
Uitgever: Gottmer, 2014;
32 pagina’s.

“We hebben er een geitje bij!” is verkozen tot het prentenboek van jaar 2016. Het boek zal, naast de andere boeken uit de prentenboek top 10, centraal staan tijdens de Nationale Voorleesdagen (27 januari t/m 6 februari 2016).

Een vertederend prentenboek voor kinderen in de kinderboerderij-leeftijd

“We hebben er een geitje bij!” is een vrolijk prentenboek voor jonge kinderen (tot 3 a 4 jaar). Het boek zal zeker kinderen aanspreken die het leuk vinden om naar de kinderboerderij te gaan. Een prima boek voor kinderen om (boerderij)dieren te herkennen en de geluiden na te doen. Ook thema’s als geboorte en lente zijn uit te leggen aan de hand van dit boek.

“We hebben er een geitje bij!” is een echt kijk- en voorleesboek. De tekeningen zijn lekker groot (2 maal A4 formaat). Het is een kort verhaal waarbij de tekst op eenvoudige rijm is gezet (“Het konijn zegt weinig hoor. Maar straalt van oor tot oor”). De zinnen lopen vlot en lezen prettig voor. De kracht van het prentenboek zit in de eenvoud van het verhaaltje in combinatie met de vertederende illustraties.

Iris Deppe debuteert op een geweldige wijze als illustrator van een prentenboek. Haar naïeve realistische tekeningen dragen het verhaal en voegen er leuke spannende elementen aan toe. Zo zijn er niet alleen echte boerderijdieren te zien, maar bijvoorbeeld ook een ooievaar, een muis, een slak en diverse vogels. De beeldopbouw en de perspectieven dragen bij aan de spanning in de illustraties. Er is van alles te zien en alle dieren wil je het liefste zelf knuffelen. Ook slim om de verschillende dieren terug te laten komen gedurende het verhaal. Herhaling doet het altijd goed bij jonge kinderen.

Dubbele pagina uit "We hebben er een geitje bij!"
Dubbele pagina uit “We hebben er een geitje bij!”, auteur Huiberts, Illustrator Deppe, Gottmer, 2016
Het verhaal

“We hebben er een geitje bij!” draait om het schattige jongetje Mik, die voor het eerst een kinderboerderij bezoekt. Aangekomen bij de kinderboerderij ziet hij een koe die hem blij vertelt dat er een geitje is geboren. Daarna laten achtereenvolgens het paard, de scharrelkip, het konijn, het varken en het biggetje horen hoe blij ze zijn met de nieuwe bewoner. Dan leidt de boer Mik naar de stal waar het geitje ligt te slapen bij zijn moeder. Daar bewondert Mik, samen met alle dieren die zijn meegelopen, het babygeitje.

Dag meneer, hebt u een hond?

Inmiddels is er trouwens nog een prentenboek verschenen van het duo Huiberts en Deppe: “Dag meneer, hebt u een hond?”. Dit prentenboek is in dezelfde stijl geschreven en getekend als “We hebben er een geitje bij!”. Ook in dit boek is Mik het hoofdpersonage en gaat dit keer op zoek naar een huisdier.

Het boek zonder tekeningen

Auteur: Benjamin Joseph Novak;
Oorspronkelijke uitgave: “The book with no Pictures”, Dial Books, 2014
Uitgever Nederland: Lannoo, 2015;
Vertaling: Sylvia Vanden Heede;
48 pagina’s.

Het boek zonder tekeningen is een hit. Het boek is zelfs in “De wereld draait door” besproken. Wouter Cajot zei daar dat het boek iedere volwassene omtovert in een stand-upcomedian. Goede marketing? Ja, dat ook. De schrijver B.J. Novak is een bekende acteur, scenarioschrijver en stand-upcomedian in de V.S. Het hilarische filmpje dat op Youtube is gezet, waarin Novak het boek voorleest aan een zaal uitzinnige kleuters, blijkt een hit (zie onderaan de pagina). Inmiddels is er een vergelijkbaar filmpje gemaakt met de Belgische cabaretier Wim Helsen. Het boek is inmiddels ook een succes. Het boek staat al weken in de lijst van beste verkochte kinderboeken. Ook in Nederland zal het een succes worden. En dat is trouwens mede te danken aan het knappe vertaalwerk van Sylvia Vanden Heede.

Maar het is niet alleen marketing waarom dit boek een succes is. Hoewel het in feite een eenvoudig verhaaltje is, is het ook echt grappig (voor kinderen) en is de opbouw erg goed. Ook de gebruikte typografie en lay-out zijn uitstekend en ondersteunen het verhaal. Misschien zit de kracht ook wel in de eenvoud. Iedereen kan dit verhaal verzinnen en ieder kind gaat lachen als een volwassene gekke of stoute dingen zegt….. Maar iemand moet de eerste zijn en het goede voorbeeld geven. Novak doet dat. Originaliteit en marketing zorgen daarmee samen voor het succes.

De titel “het boek zonder tekeningen” klopt trouwens helemaal. Er staan geen tekeningen in het boek. Het is dan eigenlijk ook geen prentenboek. Toch zou het boek door de gebruikte typografie en opmaak wel onder de prentenboeken geschaard kunnen worden. De doelgroep is kinderen vanaf 3 jaar tot een jaar of 8. Het boek moet ook ECHT VOORGELEZEN worden. Iets wat in deze tijd als een grote plus gezien mag worden. Een boek dat stimuleert om voor te lezen. Sterker nog, het boek draagt de lezer op ook alles voor te lezen wat er staat. Zelfs woorden als “Blork” of “Bluurf”…

2 pagina's uit "Het boek zonder tekeningen"
2 pagina’s uit “Het boek zonder tekeningen”, B.J. Novak, Lannoo, 2015

Het boek zorgt zeker voor gegarandeerd succes in de lagere groepen van de basisschool! Ook thuis zullen je kinderen je vragen om het boek nog een keer voor te lezen… en nog een keer. Totdat je er echt een bosbessen pizzahoofd van hebt gekregen….

2 pagina's uit "Het boek zonder tekeningen"
2 pagina’s uit “Het boek zonder tekeningen”, B.J. Novak, Lannoo, 2015

Hieronder het originele (Engelstalige) filmpje van B.J. Novak op YouTube.

De gele ballon – een prachtig tijdloos prentenboek

Illustrator: Charlotte Dematons;
Uitgever Nederland: Lemniscaat, 2003;
24 pagina’s.

De gele ballon uit 2003 van Charlotte Dematons is al jaren één van de best verkochte prentenboeken in Nederland. Het boek, dat in 2004 de Kinderboekwinkelprijs won en in meerdere formaten verschenen is, mag inmiddels een moderne klassieker genoemd worden. Het prentenboek heeft nog niets in kracht ingeboet. De vrolijke kleurrijke geschilderde prenten spatten nog steeds van het papier af!

Illustratie uit "De gele ballon", Charlotte Dematons, Lemniscaat, 2003
Illustratie uit “De gele ballon”, Charlotte Dematons, Lemniscaat, 2003

Op het eerste gezicht is het een prachtig kijkboek, waar kinderen, maar ook volwassenen urenlang plezier van zullen hebben. De enige tekst staat op de achterkant van het boek:

“Ga je mee op wereldreis?
Als je goed kijkt zie je dat een blauw autootje, een gevangenisboef, een fakir op een vliegend tapijt, en een gele ballon met je meereizen.”

Wie goed kijkt, ontdekt, dat er naast de grappige en gedetailleerde tekeningen, er wel degelijk een verhaal in te ontdekken is. Het blauwe autootje, de fakir, de boef en de gele ballon keren telkens weer terug. Het leuke is dat de lezer daardoor zijn eigen verhaal kan vertellen en hier natuurlijk iedere keer weer in kan variëren.

Illustratie uit "De gele ballon", Charlotte Dematons, Lemniscaat, 2003
Illustratie uit “De gele ballon”, Charlotte Dematons, Lemniscaat, 2003

Het avontuur begint eigenlijk al voor de titelpagina waar op een kronkelende weg een blauw autootje wegrijdt bij een huisje. Daarna nemen de dubbele pagina vullende prenten je mee door de lucht, de stad, het platteland, de bergen, de woestijn, de savanne, de zee, een winterlandschap, de jungle, het strand, een havenstadje, een bos om vervolgens ‘s avonds weer terug te keren bij het huisje.

Dematons gebruikt daarbij een vogelperspectief voor haar prenten waardoor het net lijkt alsof je over de wereld vliegt (vanuit een gele luchtballon?). Ze combineert informatieve elementen uit de geschiedenis, de geografie en de natuur in één tekening. Zo vindt er naast een modern cruiseschip en vliegdekschip een heus zeegevecht plaats tussen middeleeuwse schepen. Wie goed zoekt vindt ook bekende (literaire) figuren zoals Niels Holgerson, Batman, Roodkapje, de Kerstman en het monster van Loch Ness.

De gele ballon is een heerlijk prentenboek voor jong en oud om telkens weer van te genieten.

Mijn naam is Bob – prentenboek

Auteur: James Bowen en Garry Jenkins;
Illustrator: Gerald Kelley;
Oorspronkelijke uitgave: My name is Bob, Red Fox Picture Books 2014;
Uitgever Nederland: Uitgeverij Kluitman, 2014;
Vertaling: Frans van der Heijden;
32 pagina’s.

In 2012 verscheen het meeslepende autobiografische boek “Bob de straatkat” van James Bowen. Het boek, inmiddels een internationale bestseller, vertelt het verhaal van de Londense straatmuzikant James Bowen die een gewonde straatkat vindt. Hoewel Bowen zelf dakloos is en met een drugsverslaving worstelt, besluit hij voor de kat te zorgen. Hij noemt de kat Bob en de twee worden al gauw onafscheidelijk. Sinds de ontmoeting verbetert het leven van James (en van Bob). Hij vindt een woning en komt van zijn drugsverslaving af. Ze treden samen op en worden steeds bekender in Londen en inmiddels ver daarbuiten.

Het prentenboek “Mijn naam is Bob” vertelt het verhaal van Bob voordat hij James ontmoet. Nadat zijn bazinnetje door een ambulance wordt meegenomen raakt Bob “dakloos”. Hij moet zien te overleven op straat. En dat valt niet mee. Hij mist een thuis, hij mist vriendschap en geborgenheid. Totdat hij James ontmoet….

Illustratie uit Mijn  naam is Bob, illustrator Gerald Kelley, Kluitman 2014
Illustratie uit Mijn naam is Bob, illustrator Gerald Kelley, Kluitman 2014

Het voor het grootste deel verzonnen verhaal wordt verteld vanuit het perspectief van Bob. Blijft het prentenboek ook overeind zonder de achtergrond van James en Bob te kennen? Ja, maar dat is vooral te danken aan de prachtige illustraties van Gerald Kelley. Hij weet precies de juiste sfeer te creëren met prachtige straatscenes en levendige emoties. Achterin het prentenboek zijn leuke foto’s van James en Bob geplaatst en wordt de achtergrond van het verhaal beschreven. Dit maakt het boek, zeker ook voor kinderen, wel erg leuk en speciaal. Maar pas op, je kind wil vast en zeker een kat als huisdier na het lezen van dit boek 🙂

James Bowen lees het prentenboek voor aan Bob.
James Bowen lees het prentenboek voor aan Bob.

Hoewel in het boek een paar heftige momenten voorkomen (Bob raakt gewond door een beest in de duisternis en zijn oude bazinnetje wordt ziek), is het boek wel geschikt voor kinderen vanaf drie/vier jaar. Het begint vrolijk en eindigt vrolijk en is een hartverwarmend verhaal. Mijn naam is Bob had wellicht nog een paar bladzijden mogen duren. Wat gebeurt er nadat ze elkaar ontmoet hebben? Hoe treden ze samen op? De groeiende band tussen James en Bob is misschien iets voor een volgend prentenboek?

Kreukel – een echte Riphagen

Auteur en Illustrator: Loes Riphagen
Uitgever : Uitgeverij De Fontein, 2014
Leeftijd: 2 t/m 8 jaar
40 pagina’s

Kreukel is het nieuwe prentenboek van Loes Riphagen. Het boek heeft een harde kaft, ligt prettig in de hand en is mooi vormgegeven. Met veel humor en met vrolijke kleurrijke illustraties vertelt Riphagen het verhaal van de hond Kreukel (eigenlijk vertelt de hond zelf het verhaal). Er is niet veel tekst. Dat maakt het een echt kijkboek. Dat past prima bij het verhaal. Sterker nog, misschien hadden sommige zinnen wel beter weggelaten kunnen worden om nog meer aan de fantasie van het kind /en/of verteller over te laten.

Illustratie uit Kreukel, Loes Riphagen, 2014, De Fontein
Illustratie uit Kreukel, Loes Riphagen, 2014, De Fontein

De onhandige, naïeve, maar trouwe hond Kreukel woont bij een artistieke en keurige meneer. Kreukel denkt dat hij dikke maatjes is met zijn baasje, maar die denkt daar, gezien de capriolen van Kreukel toch wat anders over. Na de zoveelste streek van de hond zet hij hem bij het vuilnis (Kreukel zelf denkt echter dat hij op vakantie mag). Een mooi statement naar al die baasjes die hun hond aan een boom binden als ze zelf op vakantie gaan. Na een wandeling door het bos voelt Kreukel zich toch wat eenzaam. Gelukkig komt hij een lief oud vrouwtje tegen. Zou zij wel bij Kreukel passen? Kreukel is een prentenboek over trouw, vriendschap en acceptatie.

Schets Kreukel, Loes Riphagen 2014
Schets Kreukel, Loes Riphagen 2014

Op de illustraties van Riphagen is meestal veel te zien, zo ook bij die van Kreukel. Dit maakt het leuk om het boek meerdere keren te lezen en te bekijken. Je ontdekt iedere keer weer iets nieuws. Met dit nieuwe prentenboek laat Riphagen nogmaals zien wat een ontzettende goede prentenboek-illustrator zij is, met een eigen stijl die gekenmerkt wordt door gedetailleerde, grappige en kleurrijke illustraties. Gelukkig zit in het prentenboek ook nog een memory spel waarmee je nóg langer van de illustraties kunt genieten!

In de winkel van Prentenboek.nl is een originele karakterschets van Kreukel te koop!

Op Reis prentenboek

Auteur/ Illustrator: Aaron Becker;
Oorspronkelijke uitgave: Journey, CandleWick Press, 2013;
Uitgever Nederland: Brevier Uitgeverij, 2014;
40 pagina’s.

“Op Reis” van Aaron Becker is een prentenboek in de puurste vorm. De prenten vertellen het verhaal. Er wordt geen tekst gebruikt. Toch leest het boek als een verhaal dankzij de kundige indeling en opbouw van Becker. De prenten sluiten naadloos op elkaar aan en stimuleren de lezer om iedere bladzijde om te slaan. Het ontbreken van de tekst maakt het avontuur eigenlijk alleen maar spannender. Het is opvallend hoe goed dit boek zich leent om voorgelezen te worden. Het boek doet een beroep op de verbeeldingskracht van de lezer die iedere keer weer meer details zal ontdekken (en dat is nu juist wat kleine kinderen aantrekt in een prentenboek). Daardoor wordt het verhaal na een paar keer (voor)lezen eigenlijk steeds rijker en steeds net wat anders….

 De grote gedetailleerde pen en inkt illustraties zijn sfeervol opgebouwd in sepia tonen, waarbij alleen kleur wordt toegevoegd om het verhaal te vertellen. De combinatie met waterverf creëert een dromerige magische sfeer en dat sluit precies goed aan bij het verhaal…

Het verhaal van “op reis” (vatbaar voor meerdere interpretaties….)

Het verhaal begint eigenlijk al op de titelpagina waar een meisje op haar rode step over de stoep rijdt. De eerstvolgende overzichtstekening laat het meisje zien terwijl ze verveeld op het trappetje voor haar huis zit. Eenmaal binnen probeert ze de aandacht te trekken van haar moeder, vader en zus. Zij zijn echter te druk bezig om haar maar op te merken en ze trekt zich sip terug op haar kamer.

illustratie uit "Op Reis", Arron Becker, Brevier Uitgeverij 2014
illustratie uit “Op Reis”, Aaron Becker, Brevier Uitgeverij 2014

Dan ziet ze een rood krijtje liggen. Ze tekent met het rode krijtje een deur op de muur die haar in een sprookjesachtige wereld brengt. Ze reist door deze wereld en gebruikt het magische krijtje om haar avontuur voort te zetten. Ze vaart met een getekend rood bootje door een Venetiaans koninkrijk en vliegt met een getekende rode luchtballon tussen fantasierijke luchtschepen. Dan ziet ze een paarse vogel die gevangen wordt genomen door “oosterse krijgers”. Ze bevrijdt de vogel, maar verliest daarbij haar rode krijtje en wordt zelf gevangen genomen in een vogelkooi. De paarse vogel brengt haar rode krijtje terug en op een getekend rood vliegend tapijt ontsnapt ze. De paarse vogel brengt haar naar een paarse deur in een boom. Ze opent de deur en samen met de vogel komt ze terug in haar eigen wereld. Daar staat een jongetje met een paars krijtje die blij is zijn vogel terug te zien. Samen tekenen ze een fiets en het avontuur wordt vervolgd….Letterlijk, want in het voorjaar van 2015 komt er een vervolg van “Op reis” met de titel “Zoektocht”.

illustratie uit "Op Reis", Aaron Becker, Brevier Uitgeverij 2014
illustratie uit “Op Reis”, Aaron Becker, Brevier Uitgeverij 2014

Het gebruik van een krijtje om een eigen wereld te creëren is al eens eerder toegepast, namelijk in de boekenreeks van ‘Paultje en het paarse krijtje’ van Crockett Johnson. Misschien dus niet geheel origineel, maar wel op een zeer fraaie manier voortgezet. Het debuut van Aaron Becker, in de Verenigde Staten uitgegeven door Candlewick Press onder de titel “Journey”, kreeg dan ook terecht een eervolle Caldecott vermelding in 2013. In Nederland is “Op Reis” rond de Boekenweek 2014 uitgegeven door uitgeverij Brevier. Het boek sloot natuurlijk prachtig aan bij het boekweekthema “reizen”.

Zie hieronder een prachtig filmpje over Aaron Becker en zijn werk aan Op Reis.

De Krijtjes Staken !

De krijtjes staken

Auteur: Drew Daywalt;
Illustrator: Oliver Jeffers;
Oorspronkelijke uitgave: The day the crayons quit, Harper Collins, 2013;
Uitgever Nederland: Uitgeverij De Fontein, 2014
Vertaling: Koos Meinderts
Leeftijd: 2 t/m 8 jaar
40 pagina’s

 

 

Wat een juweeltje, dit prentenboek “de krijtjes staken!”, het debuut van schrijver Drew Daywalt (filmmaker) en geillustreerd door de gerenomeerde illustrator Oliver Jeffers. Het boek heeft terecht maanden op de eerste plek gestaan in de prentenboek bestseller lijst van de New York Times en was het beste kinderboek van Amazon in 2013. Inmiddels staat het boek in de Prentenboek Top10 van de Prentenboek van het jaar in 2016.

De tekst, vormgeving, typografie en de tekeningen vallen op een bijzondere manier helemaal samen. Alles klopt aan dit boek. De typografie is zo gebruikt dat het net zo lijkt alsof het krijtje zelf de zinnen geschreven heeft. Aangevuld met de vrolijke en levendige tekeningen die Teun ooit heeft gemaakt met het bewuste krijtje. De tekeningen zijn dus tekeningen van een 6/8 jaar oud jongetje. Een fantastische originele vondst. Een prachtig prentenboek over emoties, kleuren leren, tekenen en creativiteit.

Illustratie uit "de krijtjes staken", Oliver Jeffers
Illustratie uit “de krijtjes staken”, Oliver Jeffers, 2013, De Fontein.

De kleurenkrijtjes vertellen het verhaal waar het jongetje Teun de hoofdrol in speelt. Het probleem… de krijtjes van Teun staken… net op het moment dat Teun mag gaan tekenen in de klas. In plaats van zijn krijtjes vindt Teun een stapel met brieven die aan hem zijn gericht. In de brieven vertellen de krijtjes rood, paars, beige, grijs, wit, black, groen, geel, oranje, blauw, roze en perzik waarom ze “staken”. Ze vertellen eigenlijk op een openhartige, emotionele en humoristische wijze hun problemen aan Teun.

Illustratie uit "de krijtjes staken", Oliver Jeffers, 2013, De Fontein.
Drew Daywalt, Oliver Jeffers, 2013, De Fontein.

Zo vindt het rode krijtje dat hij veel te hard moet werken, zelfs in de vakantie. Hij heeft rust nodig. Terwijl het roze krijtje juist meer gebruikt wil worden. Het zwarte krijtje vindt het niet leuk dat hij alleen gebruikt wordt voor de lijntjes. De krijtjes geel en oranje zijn weer boos op elkaar omdat ze allebei vinden dat zij de kleur van de zon zijn. Teun wil kleuren en wil dat zijn krijtjes gelukkig zijn. Uiteindelijk vindt Teun de oplossing in een tekening die hij zelf maakt!

Een voorproefje van het prentenboek.

Leuk filmpje over het werk van illustrator Oliver Jeffers.

Vervolg op de krijtjes staken

In mei 2016 verschijnt het vervolg op “de krijtjes staken”, met de titel “de groeten van de krijtjes”.  Ook in dit vervolg krijgt Teun ansichtkaarten van ontevreden krijtjes die zijn achtergelaten. Hoe gaat Teun dit oplossen….?

Elmer – Een succesvol kleurrijk olifantje

Cover Elmer

Auteur: David Mckee
Illustrator: David Mckee
Oorspronkelijke uitgave: Elmer the patchwork elephant, McGraw-Hill en Dobson, 1968; Andersen Press Londen, 1989
Uitgever Nederland: Kitt/Unieboek, 1989
Vertaling: Martine Schaap
Leeftijd: 2 t/m 8 jaar
32 pagina’s
De meeste mensen zullen dit kleurrijke olifantje wel eens hebben gezien. Elmer (the colourful patchwork elephant) zag in 1968 het licht, maar is sinds zijn herintroductie in 1989 en de succesvolle marketing en merchandising echt heel populair geworden. Er bestaat inmiddels een hele serie prentenboeken met de kleurrijke olifant in de hoofdrol en waarvan er totaal 5 miljoen exemplaren wereldwijd verkocht zijn (o.a. “Elmer en de walvissen” en “Elmer en Super Fant”). Het origineel “Elmer” blijft met 2 miljoen wereldwijd verkochte exemplaren het meest populair. Een succesvol olifantje dus.

Het is ook een prachtig voorbeeld van een klassiek opgezet prentenboek. Tekst en prenten vullen elkaar uitstekend aan. Er is veel te zien op de illustraties. 32 pagina’s vol prachtige vrolijke kleurenprenten. De kleuren spatten van het papier! Prachtige grafische vormen en typografie! Een kort humoristisch verhaal dat kinderen (en volwassen) zal aanspreken. Maar het is bovenal Elmer die de show steelt, een schattige olifant gekleurd als lappendeken in de kleuren geel, oranje, roze, rood, paars, blauw, groen, zwart en wit (Mckee is in zijn illustraties geinspireerd door de kunstenaar Paul Klee). De olifant (en het boek) heeft een vrolijk, humoristisch en optimistisch karakter.

Het verhaal

Elmer leeft in een kudde olifanten, oude en jonge, dikke en dunne, allemaal verschillend, maar allemaal grijs. Elmer is de enige veelkleurige olifant. Elmer houdt de andere olifanten graag voor de gek en maakt graag lol. Hij is de grapjas van de kudde. Op een dag heeft Elmer er genoeg van om anders te zijn dan de andere olifanten. “Geen wonder dat ze me uitlachen”. Met behulp van “olifantgrijze bessen” verft Elmer zich helemaal grijs zodat hij er net als de andere olifanten uitziet. De andere dieren en olifanten herkennen Elmer dan ook niet meer. Na een tijdje vindt Elmer het toch een beetje saai en hij besluit de andere olifanten te foppen. De olifanten kijken verdwaasd rond, “dat moet Elmer zijn”, zeggen ze. En terwijl ze opgewekt lachen, spoelt de regen de grijze kleur van Elmer af. “Zijn ware kleur komt weer tevoorschijn”. De olifanten besluiten ten slotte deze speciale dag te ieder jaar te vieren. Op deze dag beschilderen de olifanten zich in alle kleuren van de regenboog. En Elmer… die mag zich op deze dag vermommen door zichzelf grijs te verven.

Illustratie uit Elmer (Mckee - van Goor 1989)
Illustratie uit Elmer (David Mckee – van Goor 1989)
De moraal van Elmer: blijf wie je bent en iedereen is uniek!

Elmer leent zich uitstekend als lesmateriaal voor zowel jonge als oudere kinderen. De verschillende vormen en kleuren zijn met peuters en kleuters te benoemen. Er zijn op het internet veel kleurplaten en andere werkvormen met Elmer te vinden. De thema’s diversiteit en “blijf wie je bent/ wees tevreden met jezelf/anders zijn is niet erg” zijn met behulp van dit prentenboek uitstekend uit te leggen.

Tip: video van David Mckee vertelt over zelf over zijn werk (Engels)