Tagarchief: Jenny Bakker

Interview Thea Dubelaar

Dag Thea Dubelaar, welke plek hebben prentenboeken in jouw oeuvre?

Sinds ‘Kuiken en de zee’  dit jaar verscheen,  is het prentenboek  voor het eerst echt aanwezig in mijn schrijversleven. Ik schrijf al vanaf 1978.

Na mijn debuut  ‘Sjanetje’  dat meteen een zilveren griffel kreeg, schreef ik veertien jaar alleen maar lange proza verhalen. Het idee om een prentenboekentekst te schrijven kwam niet eens in me op.

Sjanetje van Thea Dubelaar, Illustrator Mance Post
Sjanetje van Thea Dubelaar, Illustrator Mance Post, Ploegsma 1979

Op een dag schreef ik  ‘Wil je mijn vriendje zijn?’  Een korte tekst met een duidelijke  verdeling in scènes.  Alex de Wolf illustreerde het verhaal heel levendig en grappig. Dat werd – min of meer per ongeluk –  mijn eerste prentenboek (Uitg. Ploegsma 1992).

Daarna schreef ik een aantal verhalen die meer prentenboek dan leesboek werden omdat er zoveel illustraties bij stonden dat die bijna belangrijker waren dan de tekst. De drie dappere Chris boeken  1994-1997(illustraties Melany Erhardy), Sander 1998 (met Georgien Overwater),  Sander is stout/lief 2009 (met Elly hees) en ‘Nanseli waar ren je heen?’ 1999 geïllustreerd door Gitte Spee en bekroond  met de White Raven 2000.

In 2002 schreef ik voor het eerst een echte prentenboekentekst op rijm. Waarom toen? Geen idee, het gebeurde gewoon.  ‘Wiegelied’ was mijn eerste, als prentenboek geschreven boek. Mies van Hout maakte de prachtige platen bij ‘Wiegelied’.

En toen kwam ik in 2012 Jenny Bakker tegen. We wilden samen iets doen, verzonnen verschillende dingen, maar uiteindelijk kwamen we in 2014 uit bij Kuiken. Een opzetje van  mij, een storyboard van Jenny, veel heen en weer gepraat met als uiteindelijk resultaat een beeldschoon, gedeeltelijk handgemaakt boekje: ‘Kuiken in de sneeuw’. Met een tekst die helemaal vanzelfsprekend weer op rijm was.

thea dubelaar en jenny bakker
Thea Dubelaar en Jenny Bakker en ….. Kuiken!

Kun je wat meer vertellen over “Kuiken en de zee”?

Jenny wilde een zomers boek over Kuiken maken en vroeg of ik een idee had.

Meteen herinnerde ik me weer de dagen in de grote vakantie dat ik met mijn moeder, broers en zusjes door de duinen naar zee liep met twee kinderwagens. In de ene lag mijn babyzusje geduwd door mijn moeder en de ander was vol met kleden om op te zitten, boterhammen en flessen aanmaaklimonade, handdoeken en badpakken en die wagen duwden wij. We lieten hem altijd los boven op  De Kruisberg  zodat hij naar beneden sjeesde met ons er achter aan tot grote ontsteltenis van eventuele voorbijgangers die natuurlijk dachten dat er een kind in die wagen lag.

…Dus stelde ik Jenny voor om Kuiken naar zee te laten gaan samen met…. Oma, bedacht Jenny.

Aan mij om een verhaallijn te bedenken. In feite verzin ik wat er gebeurt  altijd al schrijvende. Ik ben niet in staat om van te voren al het hele gebeuren uit te broeden. Ook niet bij een gewoon boek.

Meteen in de eerste spreadtekst  schreef  ik : “Maar wat is zee? Weet oma dat? Ja wel, de zee is nat”. En de rest volgt dan vanzelf.  Nat, Plas, Groot, Zout en voor je het weet, staan ze op een duin en zien de zee.

Spread uit "Kuiken en de Zee", Thea Dubelaar en illustraties Jenny Bakker, 2017 Concerto Kids
Spread uit “Kuiken en de Zee”, Thea Dubelaar en illustraties Jenny Bakker, 2017 Concerto Kids

Van mijn eerste, nog helemaal niet mooie tekstje, maakt Jenny een storyboard uitgaande van hoe zij de spreads getekend voor zich ziet. Sommige deeltjes van mijn opzet vervallen dan, anderen verzin ik naar aanleiding van Jenny’s schetsen er  bij. Als zij gaat tekenen, begin ik te schaven aan de tekst. Tien, twintig keer lees ik de tekst weer en verander hem. Tot op de laatste dag voor het boek naar de drukker gaat, werk ik aan de tekst.

In een recensie over Kuiken en de zee stond iets  wat voor mij een ontdekking was.

…Na het lieve en sfeervolle “Kuiken in de sneeuw” is dit boek een mooi avontuur over een schattig blauw kuikentje wat gaat ontdekken wat de zee eigenlijk is. Want hoe weet je nu wat iets is als je het nog nooit gezien hebt?…

Pas toen ik die laatste zin las, realiseerde ik me waarnaar Kuiken op zoek was en dat je, ook als je de zee op tv, tablet of illustratie hebt zien,  nog niet weet hoe het is om bij of in zee te zijn. Via dit verhaal  breng ik mijn eigen gevoel van de vakantiedagen aan zee over op de jonge lezer. Niet hoe zee er uitziet, maar hoe het voelt, wat de essentie van zee is.

Wat is het verschil met schrijven van “gewone kinderboeken”?

Wat prentenboeken voor mij zo anders maakt als een gewoon boek is het feit dat het verhaal in mijn hoofd niet alleen in woorden verteld zal worden, maar ook in beeld.  Een deel hoeft daardoor niet geschreven te worden. Tegelijkertijd krijgt het verhaal een andere dimensie.

Bij een boek heb ik eigenlijk nooit echt een fysiek beeld van de personen die een rol spelen in mijn verhaal. Ik beschrijf hun binnenkant, ken ze van haver tot gort, maar of ze wit, zwart of rood haar hebben weet ik niet en het kan me ook niet veel schelen. Net als in het gewone leven.

Als ik iemand ontmoet, dan ben ik voor 300% op die persoon gefocust maar achteraf ben ik absoluut niet in staat om te vertellen wat hij of zij aanhad, hoe het haar zat en of de handen mooi of lelijk waren. Ik weet wel in welke stemming die persoon was en wat hem bezig hield, wat voor soort mens het is.

Bij prentenboeken speelt die fysiek zichtbare kant juist een heel belangrijke rol.

Heb je zelf  favoriete prentenboeken?  En waarom zijn dit jouw favorieten?

De boeken van Arnold Lobel.

Omdat ze altijd over gevoel gaan, niet over tastbare, zichtbare dingen maar over wat er met je gebeurd doordat je die dingen ziet of meemaakt.

En vanwege zijn perfecte teksten. Hij vertelde ooit in een interview dat hij langer over de teksten deed dan over de illustraties. Juist omdat die teksten zo kort waren, moesten ze tot op de millimeter nauwkeurig kloppen. Dat geldt voor mij ook.

Ben je momenteel weer bezig met een nieuw prentenboek? Kun je al een tipje van de sluier oplichten?

Ja. De tekst is al redelijk compleet en al minstens 30 keer bijgewerkt. Ik ben nu op zoek naar een illustrator. Het is moeilijk om te kiezen. Er zijn zoveel mensen die prachtige dingen maken.

Het boek gaat over het  eendje Prul dat een cocon van de zijdevlinder vindt en denkt dat het een ei  is. Een verhaal over mooi/lelijk/ verbazing/ opschepperij / minachting en ware schoonheid.

Heb je tot slot nog tips voor beginnende auteurs van prentenboeken?

Wordt eerst een goed schrijver en waag je dan pas aan een prentenboek tekst.

Wil meer weten over Thea Dubelaar en haar werk? Neem dan eens een kijkje op haar eigen website http://www.theadubelaar.nl

Thea Dubelaar
Thea Dubelaar